De instrumentendatabank biedt een overzicht van ruim 200 instrumenten die gebruikt worden binnen de forensische psychiatrie. Per instrument wordt het doel, de doelgroep, de materialen en de toepassing beschreven. Ook lees je waar het instrument beschikbaar is en of het is beoordeeld door de COTAN. Er wordt doorlopend aan de databank gewerkt om de inhoudelijke informatie aan te vullen en de bruikbaarheid van de instrumentendatabank te optimaliseren. Voor vragen en/of opmerkingen over de instrumentendatabank kunt u contact opnemen met instrumentendatabank@efp.nl
Indien voorhanden, is bij instrumenten de link naar de COTAN-beoordeling opgenomen. Om de COTAN-beoordeling van een instrument te kunnen inzien, dien je in te loggen als COTAN-abonnee. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om individuele beoordelingen aan te schaffen zonder abonnement. Veel universiteitsbibliotheken bieden toegang tot COTAN-informatie aan studenten en medewerkers. Zie voor meer informatie over de COTAN: https://psynip.nl/cotan/.
| Naam | Categorie | Doel | |
|---|---|---|---|
| KAIT | Intelligentie | De Kaufman Intelligentietest voor (Adolescenten en) Volwassen (KAIT) is intelligentietest voor het in kaart brengen van algemene intelligentie. De test is gebaseerd op neuropsychologische theorieën over de structuur van intelligentie en maakt een onderscheid tussen ‘crystalized intelligence’ (kennis) en ’fluid intelligence’ (probleemoplossend en adaptief vermogen). | |
| KBIT | Screening en Intelligentie | De Kaufman Brief Intelligence Test (KBIT) is een screeningsinstrument voor intelligentie. | |
| Kennedy As V | Observatie | De Kennedy As V meet het algemeen functioneren. | |
| LEC-5 | Zelfrapportage | De originele Life Events Checklist (LEC voor DSM-4) is een korte vragenlijst, bestaande uit zeventien items, die ontworpen is om traumatische gebeurtenissen te achterhalen. De respondent beoordeelt voor elk item of (a) de gebeurtenis persoonlijk gebeurd is, (b) hij/zij getuige was van de gebeurtenis, (c) hij/zij kennis heeft genomen van de gebeurtenis, (d) hij/zij niet zeker weet of de gebeurtenis op hem/haar van toepassing is of (e) de gebeurtenis niet van toepassing is. | |
| LS/CMI | Risicotaxatie | De Level of Service/Case Management Inventory (LS/CMI) is een risicotaxatie-instrument die de risicofactoren en behoeften vaststelt in oudere adolescenten en volwassen daders. De LS/CMI is ook een volledig functionerende case management tool. De LS/CMI biedt alle hulp die nodig is om professionals te helpen bij de planning van de behandeling en het management van daders in correctionele settings. | |
| LSI-R | Risicotaxatie | De Level of Service Inventory-Revised (LSI-R) wordt gebruikt voor het voorspellen van recidive. | |
| MAGDA | Tools & Tech | NB: De tool is niet langer actueel met de huidige wet- en regelgeving. MAGDA is een digitaal expertsysteem ontwikkeld om de (zorg)professional te ondersteunen bij beslissingen rondom het beroepsgeheim. Binnen dit expertsysteem kunnen medewerkers concrete situaties voorleggen met de daarbij behorende vraag omtrent het al dan niet verstrekken van medische informatie. Aan de hand van jurisprudentie, onderzoeken en wetgeving wordt hierbij de relevante normering rondom de kwestie van het beroepsgeheim in het systeem verwerkt. | |
| MANSA | Zelfrapportage | De MANchester Short Assessment of quality of life (MANSA) is een zelfrapportage-instrument om de kwaliteit van leven te bevragen bij individuen met psychische problematiek. De MANSA is gebaseerd op de Lancashire Quality of Life Profile (LQLP). | |
| MASA/MIDSA | Beoordelingsschalen en Zelfrapportage | De Multidimensional Assessment of Sex and Aggression (MASA) behandelt diverse domeinen die empirisch relevant zijn gebleken bij de assessment van seksuele agressie. Het instrument beoogt verkrachters nader te differentiëren volgens een door eerder ontwikkeld model, de Massachusetts Treatment Center Rapist Typology (MTC:R3). Met de MASA is geprobeerd de beoordeling van de MTC:R3- en Child Molester Typology (MTC:CM3)-classificatielijsten meer betrouwbaar en meer valide te maken. | |
| MASIC | Screening | De Mediator’s Assessment of Safety Issues and Concerns (MASIC) screent op partnergeweld. | |
| MATE | Beoordelingsschalen en Zelfrapportage | De 'Meten van Addicties voor Triage en Evaluatie' (MATE) is een instrument voor het vaststellen van cliëntkenmerken binnen de verslavingszorg. Het biedt een gestandaardiseerde methode om zowel beperkingen als compensatiefactoren van cliënten in kaart te brengen, wat essentieel is voor het bepalen van de juiste zorgindicatie en evaluatie van behandelingen. | |
| MCT | Intelligentie | De Multiculturele Capaciteiten Test (MCT) is een intelligentietest/capaciteitentest. De test meet de cognitieve capaciteiten, waarbij aanlegfactoren en aangeleerde factoren worden meegenomen. Er is een test voor middelbaar niveau (MCT-M), voor hoger niveau (MCT-H) en een test voor alle niveaus (MCT-A, adaptieve capaciteitentest). Met de capaciteitentest wordt een voorspelling gedaan over het maximale prestatieniveau in de zin van opleidings-/beroepsniveau. Ook kan er een indicatie gegeven worden van het intelligentieniveau. Specifiek voor de MCT-A is het doel het meten van cognitieve capaciteiten en het werk- en denkniveau. Hierbij wordt gekeken naar aanlegfactoren en aangeleerde factoren. De test wordt vooral ingezet voor vragen als: Beschikt iemand over het benodigde werk-/denkniveau om een bepaalde functie te kunnen vervullen of een bepaalde opleiding te kunnen volgen? In welke mate sluiten specifieke capaciteiten aan bij de functie-/opleidingsvereisten (en zijn deze ontwikkelbaar)? | |
| MINI | Beoordelingsschalen en Diagnostiek | De Mini International Neuropsychiatric Interview (MINI) is een kort diagnostisch gestructureerd interview voor het classificeren van ICD-10 en DSM-IV psychiatrische stoornissen. De update van de MINI voor DSM-5 heeft een vereenvoudigde versie opgeleverd: MINI-S. De MINI-S is een diagnostisch hulpmiddel, maar vervangt het klinisch onderzoek niet. | |
| MMPI | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De Minnesota Multiphasic Personality Inventory (MMPI) is een instrument voor verkennende diagnostiek van persoonlijkheidstrekken en psychopathologie. | |
| MOAS | Beoordelingsschalen en Observatie | De Modified Overt Aggression Scale (MOAS) is een verbeterde versie van de OAS. De MOAS is ontworpen als een beschrijvend instrument om accuraat en betrouwbaar de verschillende vormen van agressie te meten van een patiënt. | |
| MSI | Beoordelingsschalen en Zelfrapportage | De Multiphasic Sex Inventory (MSI) is een zelfbeoordelingsvragenlijst die psychoseksuele kenmerken van plegers van seksueel misbruik in kaart brengt voor evaluatie en behandeling. | |
| NAS | Zelfrapportage | De Novaco Anger Scale (NAS) is een psychologisch meetinstrument dat ontworpen is om de frequentie en intensiteit van woede te meten, evenals de manier waarop mensen omgaan met woede. | |
| NAS-PI | Zelfrapportage | De Novaco Anger Scale-Provocative Inventory (NAS-PI) is een zelfrapportagevragenlijst waarmee de rol van woede te bekijken: hoe ervaart de persoon woede en welke situaties lokken woede uit. | |
| NEL | Zelfrapportage | De Nederlandse Empowerment List (NEL) meet empowerment van Europese ggz-cliënten. | |
| NEO-FFI | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De NEO Five Factor Inventory (NEO-FFI) is de verkorte versie van de NEO-PI-R vragenlijst (zie NEO-PI-R). De NEO-PI-3 en NEO-FFI-3 zijn beide vragenlijsten die gebaseerd zijn op het Big Five persoonlijkheidsmodel. Ze worden ingezet om inzicht te krijgen in individuele persoonlijkheidskenmerken. | |
| NEO-PI-3 | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De NEO Personality Inventory 3 (NEO-PI-3) geeft inzicht in individuele persoonlijkheidskenmerken door middel van een zelfrapportagelijst. | |
| NIAS | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De Nederlandse Interpersoonlijke Adjectieven Schalen (NIAS) is een lijst die het volledig spectrum van interpersoonlijk gedrag beschrijft. Door middel van acht empirisch afgeleide schalen, wordt een cirkelvormig profiel getekend van de wijze waarop iemand interageert met zijn collega’s, partner, vrienden, kennissen, onder- en bovengeschikten. | |
| NKPV | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De Nederlandse Klinische Persoonlijkheidsvragenlijst (NKPV) brengt klinisch relevante persoonlijkheidskenmerken in kaart bij volwassen cliënten in de ggz. | |
| NPST | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De Negativisme, Ernstige Psychopathologie en Somatisering Test (NPST) is ontwikkeld als een paralleltest voor de Nederlandse Verkorte MMPI (NVM), die niet meer verkrijgbaar is. Het is een zelfrapportagevragenlijst met als doel het meten van drie van de vijf persoonlijkheidsfactoren uit de NVM (negativisme, ernstige psychopathologie, somatisering). De “verlegenheidsschaal” uit de NVM is een parallelle test van de Sociale Inadequatie schaal van de NPV; de extraversieschaal hangt samen met andere extraversie maten. | |
| NPV-2-R | Persoonlijkheid en Zelfrapportage | De NPV-2-R meet enkele hoofddimensies van de persoonlijkheid. De vragenlijst meet Neuroticisme-Emotionele Stabiliteit (Inadequatie), Sociale Angst (Sociale Inadequatie), Rigiditeit, Verongelijktheid, Egoïsme (Zelfgenoegzaamheid), Dominantie en Zelfwaardering. |